VERSLAG VAN DE 12e BIJEENKOMST VAN DE
WERKGROEP SERIËLE PUBLIKATIES (WESP)
gehouden te Tilburg op woensdag 31 mei 1995



Inleiding

Aanwezig: Henk Bemer (RU Limburg); Ger Corstjens (SB Maastricht); John Engels (TU Eindhoven); Leida C. Engels (RU Groningen); Yvonne Exterkate (UB Twente); Femke Fölting (CCP); Dien Giltjes (LU Wageningen); Anneke Houtkamp (VU Amsterdam); Anneke Klerks (RU Leiden); Jan Lahmeyer (Univ. Utrecht); Adriaan Lemmen (KB/ISSN-Centrum); Alois van Leusden (CBS); Marcel Ottenbros (KNAW); Ger Ruigrok (KB/ISSN-Centrum); Marijke Stok (CTC); Cherry Taylor (KU Brabant); Annemiek van Tuyl (TU Delft); Marjan v.d. Vos-v.d. Woude (EU Rotterdam) en Ria Winters (Univ. v. Amsterdam).

Afwezig met kennisgeving: Geesje Dam (PB Friesland) en Ger Tummers (KU Nijmegen).



1. Opening

Als technisch voorzitter opent Ger Ruigrok om 10:36 uur de bijeenkomst.



2. Vaststelling van de agenda

Behoudens de telkens foutief gekopieerde kop bij punt 5.B zijn er geen wijzigingen in de voorgestelde agenda.



3. A. Tekstuele wijzigingen zijn in de definitieve versie verwerkt.

3. B. Naar aanleiding van:

1) Anneke Houtkamp: op pag. 2, punt 3.B.3 de regels over acroniemen in tijdschrifttitels doen uitspraken over kleine of grote titelwijzigingen. De aangepaste regels geven hieromtrent uitsluitsel.

2) Discussie tussen o.a. Alois van Leusden en Leida Engels: waar ligt de de grens tussen kale generieke term en verantwoordelijkheidsvermelding versus de grammaticale verbondheid, en waar houd de generieke term op? Wat is een titelvariant en wanneer kan je denken aan een titelbreuk? Zoveel hoofden, zoveel zinnen, het is een kwestie van smaak die tevens gevoed wordt door de beperkingen van het systeem waarmee men werkt.

Enkele voorbeelden die verschillen van inzicht laten zien:

"Jaarverslag over het jaar ... / Instantie", "Jaarverslag over de periode ... / Instantie", Jaarverslag uitgebracht aan de algemene vergadering van aandeelhouders ... / Instantie". Als hier sprake is van een publikatie van dezelfde instantie zijn dit dan titelvarianten (m.a.w. "kleine wijzigingen", in EEN titelbeschrijving, de varianten dan wel vindbaar maken en houden via titelverdubbelingen) of juist titelbreuken ("grote wijzigingen", MEER beschrijvingen)? Er zijn mensen die vinden dat alle tussenvoegsels tussen "jaarverslag", "verslag" en de naam van de instantie er eigenlijk niet toe doen en derhalve met "..." weggelaten zouden kunnen worden, maar zover gaan de huidige internationale regels zeker niet.

Een verandering van de generieke term van "Jaarverslag ..." in "Verslag ..." (ook al blijft de instantie van naam gelijk) is voor de meeste aanwezigen wel reden tot een titelbreuk, want het "hoofdwoord" is anders (is dit niet een wat archaïsche term uit het tijdperk van de kaartjescatalogi? Luistert dat dan nog zo nauw bij geautomatiseerde bestanden?). Alhoewel ... als zo'n "variant" maar éénmaal voorkomt, is een titelbreuk dan wel zo gebruikersvriendelijk te noemen? Maar wat te doen als de wijziging voor het eerst geconstateerd wordt bij een nieuwe ontvangst? Direct tot een titelbreuk overgaan (die men soms later weer wil intrekken), of afwachten of de wijziging inderdaad beklijft? Hoe hou je zoiets bij? Wat neem je als uitgangspunt: de eerste publikatie ook al heeft die titel het maar één keer zo uitgehouden? In de aanpassing van RT2 dient op basis van de regels van de acroniemen ook deze kwestie precieser omschreven te worden, zo mogelijk met duidelijke voorbeelden.

Reden tot titelbreuken ("grote wijzingingen") zijn wel "belangrijke" veranderingen in de naam van de instantie (bijv. niet het toevoegen of weglaten van "NV", "vzw", GmbH" o.i.d.).

3) N.a.v. punt 3.B.5 op pag. 2: bevat een CD-ROM verschillende seriële publikaties dan worden die in het algemeen gelijk aan artikelen van gedrukte seriële publikaties gesteld. Maar volgens Anneke Houtkamp wordt er weinig aandacht besteed aan het beschrijven van die verschillende titels van seriële publikaties op CD-ROM. Alois van Leusden denkt aan een gelijksoortig fenomeen: dektitel van bijv. omnibussen: daar gebruikt men een annotatie als: "Bevat: ..." met titelverdubbelingen van de opgenomen titels, maar ook afzonderlijke beschrijvingen van een beperkt aantal van die onderdelen (gelijk aan het niveau van een artikel) blijft mogelijk. Of een keuze uit die onderdelen van hetgeen voor de collectie van belang is. Toch komt men hier vaak aan de grenzen van het systeem: hoeveel titelverdubbelingen of hoeveel relaties van de onderdelen naar het hoofdwerk zijn er mogelijk? Het blijft een beslissing van de lokale bibliotheek.

Hoe weet je wat er op een CD-ROM staat? Via onderwerpsgericht zoeken, de afdeling binnen de bibliotheek die zich met informatie naar het publiek bezig houdt moet dat ook weten.

Hoe hou je de collectie sluitend als er ná (of naast) een papieren uitgave één in elektronische vorm (zoals CD-ROM) verschijnt, vraagt Leida Engels zich af. Dan toch dat onderdeel beschrijven? KNAW probeert wèl die beschrijvingen bij te houden via de informatie van de leverancier, maar bij hun ontbreekt de tijd en de personele kracht om echt te ontsluiten. Kan die ontsluiting dan niet centraal geregeld worden was het idee van Jacques Spaapen van de VU. Dat wordt als algemene regel moeilijk want regelgeving kijkt niet naar de werklast maar de regels geven altijd aan: "ALS je het doet, doe het dan zó".

Adriaan Lemmen vraagt zich af wat het verschil is tussen een onderdeelbeschrijving of een volwaardige beschrijving. Of is er geen verschil? De link tussen de afzonderlijke seriële publikatie en de CD-ROM beschrijving is essentieel.

4) N.a.v. punt 7/6/C1 (pag. 3) heeft Leida Engels over losbladige werken contact gehad met Peter van Otegem van de KB. Hij kon zich wel vinden in de regelgeving. Er bestaat wel een voorbereidend stuk van Pica aan HCC maar er is nog niets verstuurd. De inventarisatie van de dagelijkse praktijk met betrekking tot titelwijzigingen in losbladige werken blijft een GGC-actiepunt.

5) Pag. 5: punt 5.A.2: de term "of hoger" zal door Adriaan Lemmen worden aangepast; punt 5.A.3: moet nog nader worden uitgewerkt; punt 5.A.4: vaste kenmerkcode en subveld voor een of meerdere URL's in het concept format van het GGC.



4. Mededelingen van de secretaris

1. Brief van Leo Derksen over het zijns inziens te drastisch kappen en hakken van beschrijvingen wat de gebruiker niet altijd ten goede komt. Alois van Leusden ziet dit binnen de WESP als een gepasseerd station, als je de ideeën van Leo doortrekt laat je de FOBID-regels los, je gaat terug naar het vóór ISBD-tijdperk. Vanuit de gebruikers-optiek acht hij zijn mening verdedigbaar. Toch zullen we moeten proberen op één lijn te komen ondanks lokale opvattingen of huisregels. Vanuit het management zou je echter wel naar historische praktijken kunnen worden teruggefloten oppert Marcel Ottenbros.



5. Voortgang van diverse taakcommissies en overige titelbeschrijftechnische zaken

5. A. Taakcommissie Computer files, elektronische tijdschriften, diskettes, CD-ROM: derde tussenrapportage:

Adriaan Lemmen geeft een overzicht van de stand van zaken tot op dit moment. Vanuit de KB is op 15 maart 1995 gereageerd op het stuk van 8 febr. 1995 over algemene en specifieke materiaalaanduidng. Op 31 maart 1995 is het definitieve stuk "Computerbestanden : aspecten van het beschrijven van seriële elektronische publikaties" inclusief enkele vragen verzonden aan HCC.

Op 5 april 1995 is de HCC bijeen geweest, meldt Alois van Leusden, het stuk is daar toen inhoudelijk niet besproken. Bij de Library of Congress is ook een groep ermee bezig. Binnen HCC komt een subgroep bijeen.

In Istanbul is aug./sept. 1995 een IFLA congres: afwachten wat voor stukken daar vandaan komen met betrekking tot elektronische documenten en online resources. Anneke Houtkamp meldt het bestaan van een groep Surfnet/KB/Pica, resultaten daarvan zullen ook door HCC worden afgewacht.

Ook met betrekking tot het Info-services project is de discussie nog in volle gang meldt Adriaan Lemmen. Begin juli 1995 wordt een format verspreid. Grote vraag is wat gebeurt er met de holding? Bij de KB wil men een aparte kenmerkcode of algemene annotatie om aan te geven vanaf wanneer een on-line elektronische seriële publikatie beschikbaar is. Pica/GGC wil daar het nummeringsveld voor gebruiken, maar bij de KB is men daar op tegen want op lokaal niveau kan men oudere gedeelten wèl bewaard hebben. Het nummeringsveld mag volgens de KB niet verward worden met lokale bezitsopgave.

Inhoudelijke toelichting door Adriaan Lemmen. Zijn er nog reacties naar aanleiding van de gewijzigde versie? Contact met GGC-vertegenwoordiger omtrent wensen met betrekking tot het format: dat moet "open" blijven voor nieuwe ontwikkelingen en aanpassingen als gevolg van de komende internationale afspraken. O.a. over de kwestie wat tot algemene en specifieke materiaalaanduiding behoort. Wim Vogel van Info-Services houdt de discussielijsten bij en sluist informatie door. HCC houdt contact met die werkgroep. Wim Vogel wil ook graag op de hoogte blijven van nieuwe elektronische tijdschriften die in Nederland worden uitgegeven.

Als men iets tegenkomt over aspecten en nieuwe ontwikkelingen doorbellen of faxen naar Adriaan Lemmen. Ook wil hij weten hoe men on-line publikaties beschrijft.

Cherry Taylor meldt dat de KUBrabant voorlopig het Pica-format gebruikt met een linking relatie vanuit de kenmerkcode die de titel van de gedrukte publikatie overhaalt. Koppeling on-line via "rel" werkt wel maar levert bij uitvoer problemen op. Bij gedrukte publikatie een URL toevoegen? Door de meesten wordt nog geen on-line beschrijving gemaakt.

Pag. 6, punt 2: Onderdeelbeschrijving is het beschrijven van de afzonderlijke titels. Op het niveau van een inhoudsopgave van files zou Alois van Leusden geen beschrijving van die files maken. Wat zijn de bestandsnamen voor de titel als interne bron (RT12): leesmij/readme file. Titel is vaak zeer kort, moet de rest erbij gezocht (gesleept) worden? Gegevens ontleend aan een extern label in annotatie verantwoorden: "Titel ontleend aan label". (Zonder installatie).

Anneke Houtkamp ziet een verschil tussen een onderdeelbeschrijving van een seriële publikatie op een CD-ROM en een monografisch artikel op CD-ROM. Zij opteert voor een volledige beschrijving van de seriële publikaties op CD-ROM. Leida Engels voelt meer voor de "bevat" annotatie: de publikatie is ondergeschikt aan de CD-ROM, vindbaar maken via relatie-indexering.

Uitgaven op papier èn CD-ROM tegelijk zijn aparte eenheden, als de uitgever om ISSN's vraagt zullen die ook voor elk medium apart worden verstrekt. Hetzelfde tijdschrift op verschillende dragers: evenzovele ISSN's. Meer tijdschriften op één CD-ROM, dan ook meer ISSN's. Uitgevers zijn zeer happig op ISSN: het wordt als code gebruikt (ook voor rechten i.v.m. kopiëren). Commerciële bureau's kopen de rechten voor de elektronische versie. Bij een eerste uitgave kom je vaak in de problemen omdat de regels RT2 en RT12 onvoldoende actueel zijn. Annotaties in de overgangsfase van gedrukte versie naar CD-ROM. Alles in één beschrijving is echter onjuist.

Commerciële bureau's geven tijdschriften op CD-ROM uit, zij sluiten contracten (vaak als "joint venture") met uitgevers, als het niet genoeg oplevert dat wordt dat gestopt. Als de elektronische publikatie wel succes heeft dan kunnen uitgevers die ook zelf gaan uitgeven. Voorbeeld: "Francis" en "Pascal", de referaattijdschriften van CNRS zijn op papier gestaakt, nu elektronisch gepubliceerd. De commerciële bureau's hebben geen invloed op eventuele titelwijzigingen van de publikaties op een CD-ROM.



5. B. Taakcommissie Beschrijven van seriële congrespublikaties: voortgangsrapportage:

Een groots eindrapport zit er niet in deelt de commissie mee, de opvattingen en oplossingen zijn per bibliotheek te divers van aard, die verschillen zijn deels door historische praktijk of door het automatiseringssysteem bepaald.

Anneke Houtkamp vindt de hantering van de begrippen "congresnaam" en "congrestitel" verwarrend. Leida Engels ziet ook in GGC bij seriële beschrijvingen congresnamen opduiken, een congresthesaurus is ook al geïmplementeerd, de regelgeving hoe in te vullen is een Pica-richtlijnenkwestie.



5. C/D. Gecombineerde Taakcommissie Secties / specifieke titel annex terminologie en Supplementen / registers: voortgangsrapportages:

Alois van Leusden geeft aan dat de HCC in grote lijnen accoord gaat met de gedane voorstellen, de FOBID-regels zullen op de betreffende gedeelten worden aangepast. Op het punt van edities en secties wijkt Nederland op praktische gronden dan wel af van de internationale IFLA-regels. De HCC kan echter een stuk indienen om ook in ISBD(S) "edition" tot "sectie" te verheffen.



6. Herziening RT2

6.A. Fotomechanische herdruk

Aan de hand van voorbeelden bij het stuk van Engels/Houtkamp komt men tot de conclusie dat er een wrijving bestaat tussen de behandeling van fotomechanische herdrukken van tijdschriften. Zijn zij dan nog steeds tijdschrift (FOBID-regels)? Of is een latere uitgave in één keer als monografie te beschouwen? Wat te doen als een gedeelte van het bezit als herdruk aanwezig is?

Meer voorbeelden worden graag ingewacht, met name voor tijdschriften inclusief titelwijzigingen of supplementen binnen de herdruk-uitgave.

B. Generieke term in par. 17: meer (betere?) voorbeelden en een andere formulering "wordt gevolgd door veld verantwoordelijke auteur".

C-D. Veld voor de nummering, impressum, par. 77, 80, 86: eerst (of laatst) uitgegeven aflevering/deel is niet altijd de laagste (c.q. hoogste) in de nummersequentie. Voorstel van Anneke Houtkamp om bij de paragraaf veld voor de nummering zinsnede te wijzigen in: "De gegevens voor het veld worden ontleend aan de eerste en laatste aflevering van de nummersequentie". In par. 80 dan ook: "eerste en laatste in de nummersequentie". In par. 86: "in de tijd eerste en laatst verschenen afleveringen".



7. Rondvraag

7.1. Leida Engels meldt het verschijnen van een interne publikatie van UB Groningen omtrent hun werkprocedure bij het opslag-/uitleensysteem (inclusief een koppeling met een code in het GGC), met name van belang voor de melding van incompleet bezit en onregelmatige verschijningsfrequentie. Belangstellenden kunnen een exemplaar bij haar aanvragen.

7.2. Tevens meldt Leida dat zij door verandering van betrekking van haar relatie op termijn een baan in Den Haag zoekt.



8. Vaststelling datum en plaats volgende bijeenkomst

De 13e bijeenkomst zal plaatsvinden op woensdag 27 september 1995 in de Bibliotheek van de Universiteit Utrecht, aanvang 10:30 uur.



9. Sluiting

Om 15:35 sluit Ger Ruigrok als technisch voorzitter de bijeenkomst.



10. Geleverde papieren bijlagen bij dit verslag:

1) Lijst deelnemers WESP. Indien bekend zijn nu ook fax-nummers en e-mail adressen opgenomen. De per 10 oktober 1995 te wijzigen telefoonnummers kunnen tijdens de volgende bijeenkomst middels de presentielijst worden doorgegeven.


vorige    Naar het verslag van de voorafgaande bijeenkomst


volgende    Naar het verslag van de volgende bijeenkomst


onder    Terug naar de vorige pagina: Archief


terug    Terug naar de welkomstpagina van de WESP