|
Informatie Professional
13 (2009) nr. 5 (mei) blz. 13 |
Allemaal aan de dopeterug |
|
|||||
|
In Wageningen werd 1 april een symposium over Bibliometrie gehouden. Aanleiding daarvoor waren de citatieanalyses die waren uitgevoerd voor de beoordeling van diverse Wageningse onderzoeksgroepen. Met analyses van de impact van gepubliceerde artikelen is de Wageningse Universiteitsbibliotheek lokaal de concurrentie aangegaan met het Leidse Centrum voor Wetenschaps- en Technologiestudies (CWTS) van Ton van Raan. Over de daarbij toegepaste methodieken heeft Wouter Gerritsma in oktober 2006 al eens in dit blad geschreven. Net zoals Search Engine Optimizers allerlei technieken propageren om websites hoger te laten scoren in Google, zo kregen eveneens bij het symposium aanwezige wetenschappers meteen adviezen hoe ze individueel, als hele onderzoeksgroep of zelfs als hele universiteit hoger konden scoren in de internationale citatiewedloop. Elkaar veel citeren was er daar één van. In dat verband was het aardig dat net in de maart-aflevering van ResearchTrends, een tweemaandelijkse nieuwsbrief over bibliometrische analyse en trends in wetenschappelijk onderzoek, aandacht werd besteed aan het sociale aspect van citatiegedrag. Bestaan er citatieclubs, waarbinnen vriendjes uit sociale netwerken elkaar vaker citeren dan anderen? Daar schenen geen aanwijzingen voor te zijn. Zij het dat daartoe aangehaald onderzoek al weer twee tot zes jaar oud was. |
Behalve aan SEO adviezen, deden de aanbevelingen voor citatie-optimalisatie me ook denken aan adviezen om als bibliotheek je catalogus-records in Google te krijgen - wat diezelfde Wageningse bibliotheek trouwens ook lukt. Je klanten vinden je dan tenminste nog op Google. Maar wat als iedereen dat doet? Dan vind je een gezocht (of ongezocht) boek 683x in Google, uit de catalogi van alle 683 verschillende bibliotheken die dat boek bezitten en allemaal hun catalogusrecords in Google hebben weten te krijgen. Dan heeft niemand daar meer iets aan, ook de bibliotheek niet die zich zo bij zijn gebruikers wilde profileren. Zo heeft ook niemand er meer voordeel van als iedereen alle trucs van stal haalt om zijn citatiescore met technische middelen te verhogen, en niet door beter onderzoek te doen en betere artikelen te schrijven. Het is als met wielrennen: als iedereen dope slikt en EPO spuit, haalt niemand daar meer winst uit. Maar tegelijk kan niemand zich permitteren ermee op te houden. Gelukkig leveren sommige van de genoemde methoden van citatiedoping ook objectief voordeel op, doordat ze zorgen dat artikelen een grotere kans krijgen te worden gelezen. Ruimere verspreiding van kennis en wetenschap is immers een edeler doel dan het bevredigen van universitaire boekhouders die cijfertjes willen om op basis daarvan geld te verdelen. Of gaat het lezen van die gepushte artikelen weer ten koste van andere artikelen? Zaten potentiële lezers al aan het maximale quotum van wat ze 7x24 kunnen lezen? Misschien kun je ook wel wat slikken om per dag meer kilokarakters te kunnen verwerken. |
||||
|
|
|||
| © |
Informatie Professional (Otto Cramwinckel Uitgever, Amsterdam)
en Eric Sieverts
Voor een abonnement op Informatie Professional:
|
||